De Sūtra van het Gouden Licht



9. Hoofdstuk over het Vereren van de Namen van de Boeddha's en Bodhisattva's

Hulde aan de Boeddha Ratnasikhin, de Tathagata.
[Hulde aan de Tathagata Vimalojjvalaratnarasmiprabhasaketu.
Hulde aan de Tathagata Suvarnajambudhvajakañcanabha.
Hulde aan de Tathagata Suvarnabhasagarbha.
Hulde aan de Tathagata Suvarnasatarasmiprabhasaketu.]
Hulde aan de Tathagata Suvarnaratnakaracchatrakūta.
Hulde aan de Tathagata Suvarnapuspojjvalarasmiketu.
Hulde aan de Tathagata Mahapradīpa.
Hulde aan de Tathagata Ratnaketu (Ratnasambhava).

De Bodhisattva Ruciraketu, de Bodhisattva Suvarnabhasottama, de Bodhisattva Suvarnagarbha, de Bodhisattva Sadaprarudita, de Bodhisattva Dharmodgata, in het Oosten de Tathagata Akshobya, in het Zuiden de Tathagata Ratnaketu, in het Westen de Tathagata Amitayus (Amitabha), in het Noorden de Tathagata Dundubhisvara (Amoghasiddhi) – een ieder die deze namen van de Tathagata’s en Bodhisattva’s uit deze uitmuntende Suvarnabhasa, de koning der sūtra’s, bewaart, reciteert of uitlegt (aan anderen), zal zich altijd bewust zijn van zijn vorige levens.

Zo (eindigt) het negende hoofdstuk, het Hoofdstuk over het Vereren van de Namen van de Boeddha's en Bodhisattva's.


<< Prev   Table of Contents   Next >>