De Sūtra van het Gouden Licht



16. Hoofdstuk over het Genezen van Ziekte


Edele godin, heel erg lang geleden, nadat er ontelbaar vele onvoorstelbare aeonen verstreken waren, verscheen er in die tijd in de wereld een Tathagata Ratnasikhin genaamd, een Arhat, een volkomen Verlichte, begiftigd met volmaakte wijsheid en een voorbeeldig gedrag. Iemand die de gelukzaligheid had bereikt, een schat aan kennis bezat en de ware aard van de wereld der verschijnselen had doorschouwd. Een volmaakte Meester van mensen in het beoefenen van morele zelfdiscipline en een Boeddha, een Leraar van mensen èn goden.

Voorwaar, toen de Boeddha Ratnasikhin, de Tathagata, de Arhat, de volkomen Verlichte, in die tijd het Paranirvana had bereikt en er van de Dharma alleen nog maar een kopie over was, verscheen er een Koning die Sureshvaraprabha genoemd werd, een Wetsgetrouwe Dharma-Koning, die zijn rijk door middel van de Dharma regeerde en niet door wetteloosheid. Hij was als een Vader en Moeder tegelijk voor alle wezens in zijn rijk. Bovendien was er in die tijd in dat land van Koning Sureshvaraprabha een Koopman die Jatimdhara heette, die een Geneesheer en een Expert op het gebied van de Elementaire Geneeskunde was. Hij was volledig op de hoogte van de achtvoudige Verhandeling over het toepassen van medicijnen.

Voorwaar, edele godin, die Koopman Jatimdhara, had in die tijd een Zoon die JalavĿhana heette, die knap, eerlijk en aantrekkelijk was en een voorbeeldig voorkomen had. Hij was een Expert en Meester in verschillende Verhandelingen en zeer bedreven in de Kunst van het schrijven, rekenen, wiskunde [en astrologie].

Voorwaar, toen werden er in die tijd in het land van Koning Sureshvaraprabha vele honderdduizenden wezens gekweld door verschillende ziektes. Geteisterd door diverse ziektes moesten zij vreselijke pijnen doorstaan. En waarachtig, edele godin, toen wekte Jalavahana, de Zoon van de Koopman, voor het welzijn van die vele honderdduizenden wezens, die door verscheidene ziektes bezocht en gekweld werden, een groots gevoel van mededogen op, en dacht:

“Deze vele honderdduizenden wezens die geteisterd en gekweld door vele ziektes worden, ervaren nu vreselijke pijnen die bar en boos zijn. En mijn vader Jatimdhara, de Koopman, Geneesheer en Expert op het gebied van de Geneeskunde van de vijf Elementen, is enorm bedreven in de achtvoudige Verhandeling over het toepassen van medicijnen en is nu zeer oud, gammel, leunt op een stok en trilt als hij loopt. Hij is niet (meer) in staat om naar de dorpen, steden, nederzettingen, districten, streken en paleizen te gaan om die vele honderdduizenden wezens die geteisterd en gekweld door verschillende ziektes worden, van hun pijnen te verlossen. Als ik nu eens mijn vader Jatimdhara zou opzoeken en hem vragen zou mij te onderrichten in de Geneeskunst van de Elementen, zodat ik met de kennis van de Elementen waarin ik me bekwaamd heb, naar de dorpen, steden, nederzettingen, districten, streken en paleizen zou kunnen gaan, om die vele honderdduizenden wezens die gekweld, geteisterd en bezocht worden door verschillende ziektes, van hun pijnen te verlossen?”

Daarenboven, edele godin, zocht Jalavahana, de Zoon van de Koopman, zijn Vader op. Hij omhelsde hem, bewees zijn Vader hulde door voor zijn voeten neer te knielen, toonde met zijn handen een gebaar van eerbied en ging naast hem staan. Toen verzocht Jalavahana, de Zoon van de Koopman, zijn Vader om hem te onderrichten in de Leer van de Elementen, in de volgende verzen:

“Hoe komt het toch dat de Zintuigen
verzwakken en de Elementen veranderen?
Wanneer ontstaan er Ziekte-Symptomen
bij stoffelijke wezens?

En welk gezond voedsel,
waardoor het Vuur-Element
in het lichaam niet uit balans raakt,
kan men op gezette tijden het beste nuttigen?

En welke medicijnen zijn het geschiktst
om toegepast te worden, wanneer er zich ziektes voordoen,
die te wijten zijn aan verstoringen in de drie Lichaamsenergieën;
Wind, Gal en Slijm.

Wanneer worden de Lichaamsenergieën
Wind, Gal en Slijm verstoord,
zodat mensen ziek worden?”

Voorwaar, toen zette Jatimdhara, de Koopman, de Leer over de Elementen aan zijn Zoon uiteen in de volgende verzen:

“De vier jaargetijden bestaan ieder uit drie maanden,
een maand uit vier weken en een jaar heeft twaalf maanden…
Een maand kan uit twee gedeeltes bestaan.
Dienovereenkomstig worden eten en drinken geconsumeerd.

De Vakkundigheid van de Arts en de invloed
van de seizoenen zal uitgelegd worden.
De Zintuigen en de Elementen zijn gedurende de seizoenen
aan constante verandering onderhevig.

Wanneer de Zintuigen aan verandering onderhevig zijn,
kunnen er voor stoffelijke wezens diverse ziektes ontstaan.
In dat geval zal de Arts over voldoende kennis
van de vier seizoenen, die uit vier kwartalen
of zes perioden van twee maanden bestaan, moeten beschikken.

En eveneens moet hij kennis
over de (zes) Elementen hebben.
Eten, drinken en medicijnen staan hier
(rechtstreeks) mee in verband.

In het regenseizoen kunnen er ziektes ontstaan,
die te wijten zijn aan een overschot
van Wind-energie in het lichaam.

Het is bekend dat verstoringen
in de Gal-lichaamsenergie
in de herfst voorkomt.

Ziektes die te wijten zijn
aan een combinatie (van Wind en Gal),
gebeuren in de winter.

En in de zomer kunnen er ziektes ontstaan,
die te wijten zijn aan een overschot van Slijm-energie.
Het is typerend voor het regenseizoen, dat alles dan
naar zuur en zout smaakt en warm en vet is;

In de herfst is alles zoeter, koud en vet;
In de winter smaakt alles zoet, zuur en vet;
en in de zomer is alles bitter, warm en grof.

Een overschot aan Slijm ontstaat zodra men gegeten heeft,
een overschot aan Gal tijdens de spijsvertering
en een overschot aan Wind-energie ontstaat
zodra het voedsel verteerd is.

Zo werken de drie Elementen.
Iemand wiens Wind-energie uit balans is,
heeft extra Energie nodig.

Om een overschot aan Gal te verwijderen,
moet men een Zuiveringsproces ondergaan.
In het geval van een combinatie (van Wind en Gal),
moet men iets toedienen dat over de drie Kwaliteiten beschikt
en tijdens een overschot aan Slijm kan men het beste een
braakmiddel toepassen.

Het is van belang om op de hoogte te zijn,
in welke periodes zich overschotten aan
Wind, Gal en Slijm of een combinatie
van deze drie, voordoen.

Voedsel, drank of medicijnen
moeten op het juiste tijdstip voor de juiste persoon
en corresponderend met het juiste Element,
voorgeschreven worden.”

Voorwaar, nadat Jalavahana, de Zoon van de Koopman, de Vakbekwaamheid in de Elementaire Geneeskunde had onderzocht, die verbonden is met onderliggende oorzaken, waardoor ziektes ontstaan, begreep hij het gehele achtvoudige Pad van de Medische Wetenschap.

Voorwaar, edele godin, toen vertrok Jalavahana, de Zoon van de Koopman, in die tijd naar alle dorpen, steden, nederzettingen, districten, landstreken en paleizen in het land van Koning Sureshvaraprabha en stelde zodoende al die vele honderdduizenden wezens, die gekweld en geteisterd door verschillende ziektes werden, gerust, door hun te zeggen:

“Ik ben een Dokter, ik ben een Dokter.”
Zo kondigde hij zichzelf aan.
“Ik zal jullie van (al) jullie verschillende ziektes bevrijden!”

Zodra zij, edele godin, de Zoon van de Koopman, Jalavahana, deze woorden hoorden uitspreken, werden al die vele triljoenen wezens vervuld van grootse vreugde. Ze voelden zich getroost en waren onvoorstelbaar blij. Op datzelfde moment werden door hun blijdschap vele triljoenen wezens die gekweld en bezocht werden door diverse ziektes, bevrijd van hun verschillende ziektes en kregen zo hun gezondheid weer terug. Zij beschikten weer over net zoveel energie, kracht en moed als vroeger.

Voorwaar, edele godin, op dat moment ging een ieder die door een ernstige ziekte gekweld werd, tussen al die vele triljoenen wezens in die geteisterd door diverse ziektes werden, naar Jalavahana, de Zoon van de Koopman, toe. En welke recepten Jalavahana, de Zoon van de Koopman, aan die vele triljoenen wezens die door verschillende ziektes geteisterd en gekweld werden, dan ook voorschreef, ze werden allemaal genezen. Ze werden allemaal weer kerngezond en hadden weer net zoveel energie, levenskracht en moed als vroeger.

Voorwaar, edele godin, op dat moment werden in alle dorpen, steden, nederzettingen, districten, streken en paleizen in het land van Koning Sureshvaraprabha, al die vele triljoenen wezens die gekweld en geteisterd werden door verschillende ziektes, bevrijd van (al) hun verschillende ziektes door Jalavahana, de Zoon van de Koopman.

Zo (eindigt) het zestiende hoofdstuk, het Hoofdstuk over het Genezen van Ziekte, in de uitmuntende Suvarnabhasa, de koning van de sūtra’s.


<< Prev   Table of Contents   Next >>